One for All
One for All
"One for All" (arrangement Vincent van den Bijlaard) is een muzikale verklanking van de politievernieuwing van 2012: de 25 regionale politiekorpsen en het KLPD gaan op in één nationale politie. Deze nieuwe indeling bestaat uit tien regionale eenheden en een alles-overkoepelende nationale eenheid. Het Nederlands Politieorkest geeft dit samengaan muzikaal vorm in een speciaal voor dit orkest geschreven arrangement. Ondersteund door de Amsterdamse zanger en politieman Guido Pronk.
"One for All" bestaat uit tien delen, elk met liedjes behorende
bij een specifieke regio. Het geheel wordt begonnen met, en
besloten door één thema, dat sterk verwant is aan ons nationale
volkslied het "Wilhelmus", als allesomvattend symbool voor de Landelijk eenheid.

Het gebied Noord-Holland wordt in dit
arrangement vertegenwoordigd door "Ik leef niet meer voor jou", van
de Alkmaarse zanger Marco Borsato. Vooral in de drumsolo's zijn
Schots/Ierse invloeden te herkennen, als een verwijzing naar de
nauw verweven historie van dit landsdeel met
Groot-Brittannië.
Een duidelijk voorbeeld van deze verbondenheid is de strijd tegen
Napoleon (1799), waarin de Engelse generaal Sir James Pulteneyin
stadhouder Willem V te hulp schiet. Deze poging de Nederlanders
voor Franse overheersing te behoeden is een van de vele tekens van
verbondenheid tussen Nederland en haar overzeese buren.
Voor het politiegebied Den Haag wordt geput uit het
oeuvre van Paul van Vliet: "De Zee". Dit lied gaat over de
vervuiling van de zee en heeft een inleiding gekregen met een
symbolische inhoud: het begin van de "Moldau" van Bedřich Smetana.
Hierin schetst de componist het opborrelen van bronwater bij de
bronnen van de rivier de Moldau: zuiver en puur. Hier doorheen
klinken in dit arrangement echter voortdurend allerlei muzikale
fragmenten uit de regio: zaken die in het bronwater oorspronkelijk
niet thuis horen. Door aandachtig te luisteren kan men de volgende
fragmenten ontdekken: "In Den Haag daar woont een graaf"
(hoorns/trombones), het "Wilhelmus" (in de lage instrumenten) als
verwijzing naar de regering, het Leidens Ontzet en één van de
voorvaderen van onze kroonprins: Willem van Oranje.
Wanneer vervolgens "O-o Den Haag, mooie stad achter de duinen" in
de trompetten hoorbaar wordt, grijpt zanger Guido Pronk in, met een
emotioneel pleidooi om beter voor de zee te zorgen. (Even later
kunt u nog een verwijzing naar prinses Maxima ontdekken, met het
-sinds haar trouwerij zo bekende- "Adiós Nonino". Zij wijkt nooit
van de zijde van prins Willem Alexander, die overigens specialist
is op het gebied van watermanagement en daarom zijn plaats in dit
deel zeker verdiend heeft.)

De muziek voor het gebied Rotterdam wordt grotendeels gevormd
door "Ik heb je lief", van de Rotterdamse zanger Paul de Leeuw. De
rijke geschiedenis van deze regio wordt op allerlei manieren in de
muziek verwerkt. Er zijn bijvoorbeeld diverse 'maritieme invloeden'
in de muziek hoorbaar, zoals fragmenten van "...toen wij uit
Rotterdam vertrokken…", "Piet Hein, zijn naam is klein" (afkomstig
uit Delfshaven) en natuurlijk de scheepstoeter aan het begin.
Wellicht een verwijzing naar de roemruchte Holland-Amerika
lijn?
Verder klinkt er "In naam van Oranje doe open de poort" ("…de
watergeus staat voor Den Brielle") uit het jaar 1572, maar ook de
recentere Rotterdammers worden niet vergeten, met "Geen woorden
maar daden" en met de beroemdste hit van Lee Towers: "You never
walk alone".
De instrumentale inleiding bij politiegebied Midden-Nederland bevat voor
de oplettende luisteraar verwijzingen naar "Hilversum drie bestond
nog niet" van de Utrechtse zanger Herman van Veen. Het betreft hier
citaten uit de inleiding van het origineel (de 'klokjes') en
fragmentjes uit het lied zelf, zoals "Op elke steiger klonk een
lied…"
Dit deel vervolgt met het lied "Vriendschap is een illusie", van
Henk Westbroek.
Het deel over Noord-Nederland begint met
een fragment uit de Schaatsenrijderswals. Een voor de hand liggende
keuze, wanneer je bedenkt dat vele schaatsliefhebbers jaarlijks
weer hopen op dat bijzondere sportevenement: de
Elfstedentocht.
Daarna is het de beurt aan de Friese band De Kast, met hun
-misschien wel bekendste nummer- "In Nije Dei", een onvervalste
liefdesballade: "…Jou my dyn hân, jou my din hert, asto it doarst
mei my…"
Voor Zeeland-West-Brabant is het de
beurt aan de Spaanse gitaar en de 'Cajon', een slagwerkinstrument
van Peruaanse oorsprong. In een duet imiteren zij vrij de liederen
"Merck toch hoe sterk" uit Valerius' Gedenck-Clanck ("…Berg op
Zoom, houdt u vroom…") en "In een blauw-geruite kiel"; een liedje
over de uit Vlissingen afkomstige zeeheld Michiel de Ruyter.
Daarna gaat de muziek door met "Aan de kust" ("..de Zeeuwse
kust.."), van de Zeeuwse popgroep Bløf. Op de achtergrond zijn er
voor de geoefende luisteraar nog enkele citaten te ontdekken, zoals
nogmaals "In een blauw-geruite kiel" en stukjes van de
volksliederen van Engeland en Duitsland, op de plaatsen waar in de
tekst naar deze landen verwezen wordt.
Traditioneel wordt de midwinterhoorn verbonden aan Oost-Nederland. En ook nu
roept dit instrument ons naar deze regio, als het ware door het 'an
bloasen' met het traditionele signaal "Den Oaldn Roop" ("de oude
roep").
Gevolgd door de klanken van "So incredible" van de uit Almelo
afkomstige zangeres Ilse de Lange, waarna de midwinterhoorns ons
uitstapje naar Oost-Nederland -als een vaarwel- weer kunstig 'af
bloasen'….

De inleiding van de muziek behorend bij Limburg bevat -in de lage instrumenten- een duidelijke verwijzing naar het Limburgs volkslied: "Daar is mijn vaderland, Limburgs dierbaar oord". We vervolgen met een eerbetoon aan de uit Sittard afkomstige zanger Toon Hermans, met allereerst "Als de liefde niet bestond". Dit helaas al te onbekende liedje schreef hij in zijn sterfjaar (2000) en is postuum uitgebracht. Daarna volgt een van zijn meest bekende nummers: "24 rozen"; alweer een ode aan de liefde, van diezelfde cabaretier/volkszanger, die generaties lang door vele Nederlanders in het hart werd gesloten.
Via de klanken van "Dat gaat naar Den Bosch toe, zoete lieve Gerritje" komen we in Oost-Brabant, waar het de beurt is aan de Brabantse zanger Guus Meeuwis, met "Het dondert en het bliksemt". Dat Brabanders goed zijn in carnaval is algemeen bekend; en het Nederlands Politieorkest laat deze gelegenheid om een feestje te bouwen niet ongemerkt voorbij gaan…
We besluiten onze tournee door de politiegebieden, met een kleine potpourri over onze hoofdstad: Amsterdam. Allereerst met de klanken van "We zullen doorgaan", van Ramses Shaffy, om daarna over te schakelen naar "Aan de Amsterdamse grachten". U zou hier-en-daar wel eens een fragmentje van "O kleine jodeljongen" kunnen ontdekken; de muziek is net zo veelkleurig als de hoofdstad zelf.
Deze 'lofzang' op ons prachtige Nederland eindigt weer met het beginthema, dat van de Landelijke eenheid. Dit politieonderdeel vormt de hoekdelen van dit muziekstuk, als een alles-omkransend element binnen de politieorganisatie. Het lands-omvattende karakter blijkt onder andere uit de citaten "Nederland, o Nederland" en "15 miljoen mensen...die laat je in hun waarde".
Het Nederlands Politieorkest presenteert u met trots een non-stop muziekbelevenis, waarin alle delen van Nederland samenkomen. Eén nationale politie voor alle politie eenheden samen: "One for All".
Totale speelduur: circa 52 minuten.
Klik hier om te bestellen
Klik hier om een videofragment te bekijken